person_outline

Hand in hand, voor onderwijs en zorg

young man supporting > Hand in hand, voor onderwijs en zorg | LeiderschapDoor de wet Passend Onderwijs, is het de bedoeling dat alle kinderen een passende plek op een school krijgen. Alle kinderen en jongeren. Daarom werken regulier onderwijs en speciaal onderwijs samen in samenwerkingsverbanden. Deze SWV’s hebben geld gekregen om zorgvragen goed te kunnen beantwoorden. De bureaucratie kan zo worden bestreden, omdat zorg dichtbij een leerling wordt georganiseerd. Passend Onderwijs is in 2014 ingevoerd. Het ministerie spreekt van een invoerperiode die tot 2020 duurt. Een periode waarin er financieel wordt gerommeld, en veel zaken nog niet zijn ingeregeld. Een periode die vraagt om stevige innovatie van het onderwijs. Daar zien we al kiemen van ontstaan, maar die innovatie is er nog niet.  Leerlingen met een zorgvraag hebben daardoor nu geen geluk. Ze passen niet in het huidige systeem, de innovatie die zij nodig hebben, laat nog op zich wachten. Daardoor vallen deze leerlingen tussen wal en schip. We veroorzaken een verloren generatie, van talentvolle, prachtige kinderen, die met een beetje hulp, wat vertrouwen, een nuttige bijdrage aan onze samenleving kunnen geven.

Over wat voor kinderen en jongeren hebben we het?

Een jongetje van vier, dolgelukkig met zijn nieuwe rugzak voor z’n broodtrommel en drinkbeker, wil naar school. Zijn buurtkinderen gaan ook naar school, dus hij ook. Maar hij mag niet. School na school weigert hem: zijn zorgvraag is te ingewikkeld. Hij heeft een aangeboren afwijking, die eigenlijk in de praktijk weinig problemen oplevert. Echter, het etiket is afschrikwekkend en de scholen kijken niet achter dat etiket. Zo iemand plaatsen we niet, wet passend onderwijs of niet. Het jongetje wordt vijf zonder uitzicht op scholing. De leerplichtambtenaar neemt contact op: waarom gaat dit jongetje niet naar school? De ouders zijn opgelucht: hopelijk kan de leerplichtambtenaar ze helpen om het onderwijs van de grond te krijgen. Niets is minder waar. De leerplichtambtenaar praat niet met scholen, maar vertelt de ouders welke boetes ze gaan krijgen als ze het jongetje niet naar school laten gaan. De andere aangedragen oplossing is leerplichtontheffing: dan krijgt dit jongetje nooit onderwijs.

Een jongeman van 16 is gestopt met naar school gaan. School was bedreigend. Hij werd daar uitgescholden, gepest, geslagen en bedreigd door medeleerlingen. Er zijn veel, heel veel gesprekken gevoerd. Maar er veranderde niets. Op een dag besluit hij niet meer te gaan. Zijn zelfvertrouwen is aan diggelen. Hij gaat naar een zorginstelling waar geen onderwijs wordt gegeven. Hoewel hij zijn ervaringen kan verwerken, staat zijn ontwikkeling verder stil. Hij wil weer aan het leren voor zijn HAVO vakken, maar hoe en waar? De zoektocht begint, en ook hij ontmoet scholen die het niet aandurven, die niet mee willen werken. Thuisonderwijs dan maar? Of kijken of hij kan instromen op MBO?

Dit zijn twee voorbeelden, en er zijn er meer. Ook voorbeelden van jongeren die ‘afstromen ‘ van havo-vwo naar vmbo, naar vmbo speciaal onderwijs. Niet op basis van hun leercapaciteiten, maar omdat ze een zorgvraag hebben. Soms wordt die zorgvraag niet gezien, maar alleen lastig gedrag benoemd. Sommige jongeren zorgen voor zelfmedicatie: met wiet, hasj en andere middelen houden ze hun hoofd en hun gedrag onder controle. Ook zijn er kinderen die fysiek ziek worden van school. Duurt dat ziek zijn lang genoeg, dan krijgen ze vrijstelling van onderwijs. Dat is geen oplossing. Dat is bestrijding van de statistiek waaruit blijkt dat het niet goed gaat.

Leerkrachten zonder ondersteuning

Aan de andere kant van de streep staan de docenten. Leerkrachten op basisscholen hebben een PABO opleiding achter de rug, gericht op didactiek, klassenmanagement en de te geven vakken. Met de invoering van de wet Passend Onderwijs is hun kennis en kunde niet plotseling veranderd. De omvang van klassen is niet zomaar aangepast. Toch wordt van deze docenten verwacht dat ze kinderen met een zorgvraag kunnen opvangen. Op middelbaar onderwijs geldt hetzelfde: dezelfde docenten, in precies hetzelfde systeem, krijgen plotseling te maken met jongeren met een zorgvraag. Docenten zitten met hun handen in het haar: naast het tijdslurpende systeem van lessen voorbereiden, verplichte toetsmomenten, het invullen van allerlei paperassen, is dit ook een taak geworden. Dit kan niet, het past niet. Hoe graag individuele docenten ook willen helpen.

Er zijn scholen waar het wel lukt. Vaak zijn dit scholen die, om wat voor reden dan ook, in ontwikkeling waren. Bijvoorbeeld omdat het leerlingenaantal sterk terugliep. Zij konden van de nood een deugd maken: kleine klassen geeft veel ruimte voor persoonlijke aandacht. Of omdat de school ‘zwak ‘ was en dreigde opgeheven te worden. Dat was een enorme impuls om tijd en energie vrij te maken om echt wat te doen aan het onderwijs en de zorgvragen. Er zijn ook scholen waarbij de onderwijsfilosofie al meer aansloot op passend onderwijs. Deze scholen hebben meer ervaring. Tot slot is er een categorie scholen, met name in het particuliere segment, die het anders aanpakt: of ze kiezen radicaal voor deze leerlingen (waarbij de kosten voor het onderwijs enorm oploopt, maar door de ouders wordt betaald), of radicaal niet. Dan worden dit soort leerlingen gewoon aan de poort geweigerd. Door de makkelijke, slimme kinderen af te romen, halen deze scholen fantastische resultaten.

Wat is er nodig?

Elk kind en elke jongere heeft recht op goed onderwijs. Voor een leerling met een zorgvraag is dat niet anders. Op dit moment wordt deze groep niet goed bediend. Er worden uniforme oplossingen bedacht. Maar, deze leerlingen verschillen erg van elkaar. De zorgvraag van een hooggevoelige puber is anders dan die van een bijzonder actieve en grenzenloze zes jarige. De zorgvraag van een kind met een langdurig medisch traject verschilt van de vraag van een jongere die seksueel is misbruikt. De wet Passend Onderwijs is juist ervoor bedacht om die verschillen te bedienen.

Wat is er daarvoor nodig? Het is niet moeilijk: laat elk kind, elke jongere en zijn ouders, iemand naast zich krijgen die met hem of haar het traject doorloopt. Iemand die onvoorwaardelijk naast de scholier gaat staan. Die vanuit interesse onderzoekt wat er nodig is om zijn of haar schoolcarriere tot een succes te maken. Iemand die kan coachen, die kan spiegelen, kan reflecteren. Iemand met voldoende bagage om te weten hoe je een nukkige tiener de volgende stap laat nemen, iemand met voldoende expertise om de ogenschijnlijke kloof die in het passend onderwijs is ontstaant tussen leerlingen, ouders en school te overbruggen. Iemand met doorzettingskracht, die met directeuren, wethouders, de minister gaat praten om voor elkaar te krijgen wat noodzakelijk is voor het passend onderwijs voor dat kind.

Geef het kind met die aangeboren afwijking een partner, niet alleen voor dit jaar, voor deze school, maar voor zn totale onderwijstijd. Geef die jongen die gepest is, iemand die naast hem staat, die met hem creeert wat er voor hem nodig is. Elke scholier met een zorg vraag heeft iemand nodig die hand in hand ervoor zorgt dat het goed komt. Deze persoon hoeft niet zelf te kunnen behandelen. Hij of zij is geen psycholoog, geen medicus, maar iemand met oprechte interesse en de bagage en persoonlijkheid om zaken te regelen. Zo iemand ontlast ouders, zodat zij vooral de ouderrol kunnen invullen en niet als zorgbegeleider aan de gang hoeven. Zo iemand zorgt er ook voor dat andere mensen, onderwijzers, medici, hulpverleners, hun werk goed kunnen doen. De persoonlijke aandacht voor de zorgvragers helpt om andere leerlingen te beschermen: zij krijgen de reguliere aandacht die nodig is waardoor er ook minder uitvallers zijn in de toekomst.

Hand in hand kom je dan door je schooltijd heen. Met zo’n begeleider raak je, ondanks een lastige start, of een zorgvraag, voorbereid op een nuttige bijdrage aan de samenleving. Dat is wat wij, als beschaafde samenleving, aan elk kind zouden moeten bieden in deze overgangsperiode.Dat geeft ons ook de tijd om het onderwijs om te vormen. Want uiteindelijk is dat de enige, echte oplossing. Het onderwijs zo maken, dat elk kind een passend traject kan doorlopen, zorgvraag of niet. Geen enkel kind hoeft dan een uitzondering te zijn. Of, misschien beter gezegd, ieder kind heeft dan zijn eigen, uitzonderlijke traject. Want alleen zo zorgen we ervoor dat alle kinderen en jongeren hun talenten leren kennen en ontwikkelen. 

Dit is de vijfde blog van een serie over het onderwijs: 

Waartoe dient het onderwijs?

Topdown en bottomup in het onderwijs

Thuiszitters als wegwijzers

Schoolscha(n)de: niet zwartepieten met thuiszitters


Interessant blog? Like it op Facebook, +1 op Google, Tweet het of deel dit blog op andere bookmarking websites.

Geschreven door
Pro-Blogger Top Blogger Thought Leader

Elke organisatie, elk team en elk mens ontwikkelt zich. Soms vraagt de buitenwacht om die aanpassing, soms komt de ontwikkeling van binnenuit. Het mooiste is als door die ontwikkeling de aanwezige talenten (nog meer) worden benut. Zo laait het vuurtje op! Ik help je graag met die ontwikkeling. In het hele traject kunnen we samen oplopen: het uitvinden van de ontwikkelopgave, het maken van een plan om tot ontwikkeling te komen en het faciliteren van die ontwikkeling. Daarvoor gebruik ik systemische technieken (opstellingen), mediation-, leiderschaps- en coachingsvaardigheden. Wat In vuur en vlam doet!

Mijn opdrachten spelen zich over het algemeen af in de cultuur sector, bij gemeenten en in het onderwijs. Hier lees je wat mensen van de samenwerking met mij vinden.

Mijn visie op leiderschap: www.in-vuur-en-vlam.nl

Voor mijn werkervaring, zie https://nl.linkedin.com/in/hettekevideler 


Wat vind jij? deel het met ons!

INFO: Je plaatst dit bericht als 'Gast'

×
Niets meer missen?

Schrijf je nu in voor onze (max.) wekelijkse e-zine en mis geen enkel Leiderschapsblog, -vacature of -nieuwsbericht meer.