person_outline

Solliciteren (er is nog hoop)

sollicitatie > Solliciteren (er is nog hoop) | leiderschapZwarte, krakende schoenen, voorzien van een glimmende weerspiegeling van deugdzaamheid. Het donkerblauwe pak is nog stijf van nieuwigheid. Het overhemd is zachtroze en heeft moderne, grote boorden. De das is uiterst goed gekozen. Het hoofd erboven is recentelijk gekapt en erg glad geschoren, zodat het zoontje geen protesten zal hebben geuit bij de plichtmatige afscheidskus bij het vertrek.

Dan kijkt hij in het gezicht van de man. Het staat zó serieus dat hij onwillekeurig even terugdeinst. Heel kort flitst een beeld door zijn hoofd van de begrafenis van Jan, vorige maand.

'Meneer Wesselink?' vraagt de man, op een toon of hij zich verbaast over een regenwolk op een stralende dag.
'Jazeker. Mathijs Wesselink. Goedemorgen. Meneer Hoitinga, neem ik aan?' Hij steekt zijn hand uit. De man drukt zijn hand. Hij moet zijn best doen om zijn vingers rond te houden. Het gezicht van de man betrekt. Even denkt hij te hard terug te hebben geknepen, maar dan zegt de man:
'Nee, ik ben Vaatstra. De heer Hoitinga zit boven op u te wachten, samen met nog twee andere mensen van de sollicitatiecommissie. Ze zullen zich aanstonds aan u voorstellen. Zullen we? We hebben erg veel kandidaten vandaag.'

Hij knikt en probeert monter te kijken. Vaatstra loopt langs de liften naar het trappenhuis.
'Ik neem altijd de trap,' is de vrij overbodige verklaring, die hij toegeworpen krijgt. Hij knikt weer.
'Daar blijf je het meest gezond bij!' roept hij energiek. Maar Vaatstra sprint met twee treden tegelijk de trap op en hij moet alles uit de kast halen om bij te blijven. Na vier trappen zijn ze boven. Het zweet staat hem op het gezicht. Snel wist hij het weg met de rug van zijn hand en hij probeert zijn ademhaling te reguleren.
'Wilt u hier even wachten? U wordt zo geroepen hoor,' meldt Vaatstra en hij verdwijnt fluks achter een solide, bruine deur.
Terwijl hij nog nahijgt gaat de deur even later open.
'Komt u binnen,' zegt Vaatstra.

Als hij achter de tafel zit kijken vier gezichten hem neutraal aan.
'Geen lachebekjes,' denkt hij. Maar hij zegt: 'Goedemorgen, mijn naam is Mathijs Wesselink. Ik kom hier praten over de functie van afdelingschef. Ik hoop van harte dat we wat voor elkaar kunnen betekenen.'
'Dat moeten we nog vaststellen,' antwoordt de man uiterst links koeltjes, 'mijn naam is Hoitinga. Ik ben de districtsmanager. Vaatstra heeft u ontmoet, hij is ook afdelingschef. Naast hem Mulder van PZ, en aan het eind van de tafel zit Meindert Swets, coördinator werkvloer.'
'Aangenaam,' zegt hij, 'ik..'
'Om maar meteen te beginnen, we hebben een hoop kandidaten,' onderbreekt Hoitinga hem vrij ruw. Het lijkt of hij hem niet eens gehoord heeft. 'We zullen straks nader ingaan op uw C.V. en desgewenst kunnen we iets vertellen over ons bedrijf. Maar ik wil beginnen met een kernvraag, die ik heb voor alle kandidaten.'

Hoitinga kijkt hem aan. De drie anderen ook. Swets heeft de mond wat open en kwijlt nog net niet. Hij begint zich erg, erg ongemakkelijk te voelen en beweegt voorzichtig op zijn stoel. De riem zit wel erg strak, merkt hij. Hij knikt, en net als hij iets wil zeggen vervolgt Hoitinga:
'U zegt niets, maar de kernvraag is: waarom wilt u werken voor ons mooie bedrijf? Wat is de meerwaarde die u meebrengt?'
'Dat zijn eigenlijk twee vragen,' antwoordt hij. Het is eruit eer hij er erg in heeft. Vaatstra kijkt verbluft naar Hoitinga. Mulder produceert een geluidje dat het midden laat tussen een nies en een kuch. Gauw zegt hij:
'Maar ik begrijp waar u heen wilt uiteraard,' en hij zet zijn glimlach op. 'Ik denk dat ik een hoop ervaring meebreng. Als leidinggevende ken ik het klappen van de zweep. Ik heb veel beoordelingsgesprekken gevoerd. En slechtnieuwsgesprekken. Maar ik vind het belangrijk dat mensen goed in hun vel zitten op het werk. Als mensen zich goed voelen, dan werken ze ook goed.' Hij pauzeert even. Hoitinga kijkt zuur.
'Dat is niet het antwoord dat ik zoek. Nee, nee. Maar ik geef u nog een kans, want ik vond uw C.V. wel goed. Ik zal de vraag nog maar een keer herhalen. Wat is uw meerwaarde voor het bedrijf? Ik zal nog iets over ons bedrijf vertellen, om u te helpen. Dan kunt u straks antwoord geven.'

En Hoitinga steekt van wal. Met een stekelig timbre vertelt hij met opgezwollen bewoordingen over de status en prestaties van het bedrijf. Taken, plichten en reguleringen. Dan vertelt hij desgevraagd wat over zijn C.V. Daarna vervolgt Hoitinga zijn redevoering. Hij luistert er wel naar, maar ondertussen kijkt hij naar de glimmende tafel. De strakke pakken erachter. De minzame koppen. De papieren op een stapel. Het hoge plafond. De houten panelen. De spiegelende brillenglazen van Mulder. De dasspeld van Vaatstra. De gel van Swets. De iPad van Hoitinga. En langzaam ziet hij het. Hoe hij de stropdassen krachtig aantrekt, tot ze hem smekend aankijken. Hoe hij de volle koffiebekers uitgiet over de zorgvuldige kapsels en achterpanden van colbertjes openscheurt tot de schouders. En hij glimlacht.

'U vindt het amusant?' vraagt Hoitinga streng. Hij ziet nu louter misprijzende gezichten aan de andere kant van de tafel.
'Eigenlijk wel,' antwoordt hij loom. De spanning is eraf. Hij komt hier toch niet werken, hoezeer Marieke hem ook aan het werk wil hebben. Hij duwt het beeld van haar verwachtingsvolle gezicht weg.
'Ziet u, werken is niet louter een plicht. Het is weliswaar een contract, dat we af willen sluiten, maar enige bevlogenheid en indentificatie met het bedrijf brengt zoveel meer voor iemand, die zo'n groot deel van zijn tijd investeert. Vaak lukt het een individuele werknemer veel beter zich met het bedrijf te identificeren, dan het bedrijf zich identificeert met alle individuele werknemers. Daarin ligt ook de grondslag voor veel ziekteverzuim. De bevlogen werknemer ziet zich niet in evenredige mate gewaardeerd worden door het bedrijf. Het bedrijf heeft ook doelen, die boven individualiteit uitstijgen. Daar zit een oeroude discrepantie, die je als bedrijf in ieder geval moet willen zien, wil je überhaupt de goede weg inslaan. Door veel te communiceren met je werknemers weet je wat er leeft. Maar je weet ook waar ze goed in zijn. Dus door ze niet in een hokje van een bepaalde functie te drukken kun je ervoor zorgen dat ze zich ontplooien, zich bekwamen in wat in aanleg als gave aanwezig is. Dan is er ook ruimte voor begrip van de werknemer voor impopulaire maatregelen, die elk bedrijf nu eenmaal moet nemen.'

Hij is wat rood aangelopen na deze redevoering, en hij is vrij warm. De mensen aan tafel kijken hem met open mond aan. Hij veegt weer wat zweet weg van zijn voorhoofd.
'Dat is eigenlijk mijn antwoord op uw vraag,' mompelt hij. De rest kunt u wel terugvinden in mijn C.V. Hoewel ik me persoonlijk meer zou richten op C.V.'s die ogenschijnlijk minder goed passen, om diversiteit in de groep te houden. Ik zou me eigenlijk nu graag wat willen opfrissen.'

Als één man staan ze op.
'De tijd is ook wel om,' zegt Hoitinga gemelijk. De rest knikt. 'We laten het u wel weten.'
Hij knikt en loopt naar de deur. Door het gangetje. Hij gaat met de lift naar beneden en zuigt zijn longen vol lucht als hij buiten staat. Hij denkt nog maar aan een ding. Dorst!

Om twaalf uur 's nachts komt hij zwaar beschonken thuis. Hij houdt zich vast aan de muren, om niet om te vallen. Als hij lawaai maakt zal hij Marieke onder ogen moeten komen. Hij kruipt de kamer in. Op de tafel ziet hij een groot bos bloemen. Er ligt een briefje bij:
'Ik heb je wel duizend keer gebeld! Waarom stond je telefoon uit? We konden het toch samen vieren? Wat goed van je lieverd! Gefeliciteerd met je baan! Ze belden om zes uur en ze waren zo enthousiast over je! Kom je gauw boven? Ik ben maar vast gaan liggen.'

Ontnuchterd laat hij zich weer op de vloer zakken. Hij voelt zich opeens doodmoe. Hij kruipt naar de bank en gaat erop liggen. Met een glimlach kijkt hij naar buiten, naar het licht van de lantaarnpaal. Zo valt hij in slaap.
  


Interessant blog? Like it op Facebook, +1 op Google, Tweet het of deel dit blog op andere bookmarking websites.

Gerard Jans
Geschreven door Gerard Jans
Top Blogger Influencer

Ruud's Profielfoto > Solliciteren (er is nog hoop) | leiderschap
Ruud antwoordt op het onderwerp: #914 3 jaren 9 maanden geleden
Hoi Gerard,
ik heb echt het idee dat mensen op dit ogenblik en op deze thema's wakker aan het worden zijn, maar er is natuurlijk een volgende stap nodig en dat is daadwerkelijk uit bed komen. Dat laatste is moeilijk en vergt lef: van de leidinggevende, maar eigenlijk van iedereen.
Mensen 'wakker maken' door te laten zien dat het het ook anders kan, dat je niet de enige bent die er zo over denkt en dat het oké is om dat uit te spreken of te tonen om op die manier ook anderen weer wakker te maken is een randvoorwaardelijke stap...
Deze stap willen wij vanuit onze vereniging faciliteren, maar uiteindelijk zijn jullie (de bloggers, reageerders maar ook de 'reagluurders') degenen die de beweging in gang zetten... daarom zijn jullie zo belangrijk!
Dank je wel Gerard.
grjans's Profielfoto > Solliciteren (er is nog hoop) | leiderschap
grjans antwoordt op het onderwerp: #912 3 jaren 9 maanden geleden
Dank voor de mooie reacties op dit artikel, zowel op de site als via Social Media. Dat het onderwerp leeft geeft aan de andere kant ook wel te denken. Enerzijds is er een roep om, en een beweging naar, het gezamenlijke, het bindende element. Appreciatie Inquiry, Servant Leadership en Storytelling zijn hier goede voorbeelden van. Anderzijds zie je nog steeds een verkilling in het bedrijfsleven, gaan voor het individuele kortetermijn resultaat, scoren ten koste van de ander. Bedrijven moeten doorkrijgen dat ze sterker worden van een krachtig, gemotiveerd team. Het moet cultuur worden om elkaar aan te spreken op individueel gewin of een verdeel-en-heers politiek van een managementlaag. Dat is een ethische keuze. Daarom is de vereniging Lerende Leiders zo belangrijk. Ze wijst op die keuze.

Wat vind jij? deel het met ons!

INFO: You are posting the message as a 'Guest'

×
Niets meer missen?

Schrijf je nu in voor onze (max.) wekelijkse e-zine en mis geen enkel Leiderschapsblog, -vacature of -nieuwsbericht meer.